Zaterdag 2 april: Rit 6: Oak Valley: 120 km, 2700 hm.

De voorlaatste dag. Op papier volgens mij de zwaarste rit: bijna helemaal op het einde, na de marathonrit van gisteren en het hoogst aantal hoogtemeters van de hele week.

In de praktijk is het ook zo gebleken. Van bij de start begon het klimwerk, opnieuw de Groenlandberg op, ditmaal van een andere zijde. Er werd nerveus gekoerst, iedereen die nog een beetje energie over had, wist dat er vandaag enorme verschillen gemaakt konden worden. We verzeilden in een groepje dat er een gelijkmatig tempo op nahield. Jo had het wat moeilijk om in de wielen te blijven maar met een duwtje op zijn tijd lukte het wel.

Dit ging zo door tot aan de tweede bevoorradingspost (km 65). Intussen was de zon ook terug prominenter van de partij dan de voorgaande dagen. Hoewel de benen nog goed aanvoelden, werd ik toch wat ongerust: het vaatje begon langzaam leeg te lopen. Het eten en drinken tijdens de rit ging me wat moeilijker af. Gelukkig begon Jo er wat beter in te komen. Ik was blij wat uit te kunnen rusten in zijn wiel.

Vanaf km 85 veranderde het karakter van het parcours: meer en meer singletracks (20 km in totaal !) door een “fynbos”. Jammer want op dit terrein verliezen we steeds tijd ten opzichte van de duo’s die bergop in onze buurt klimmen. Het vraagt telkens een ferme achtervolging om daarna opnieuw aan te sluiten. Ik voelde wat vage krampen opkomen maar gelukkig kwam het zo ver niet.

Op sommige technische stroken rij ik soms wat door om nadien op Jo te wachten, maar nu duurde het toch wel heel lang: één van de Belgische ploegen die passeerde, riep me toe dat mijne maat gevallen was maar zonder erg, “hij zit al terug op de fiets”.

Oef, tot nu toe zijn we gelukkig gespaard gebleven van zwaar fysiek ongemak. Ook hebben we vandaag de rit weer uit kunnen rijden zonder technisch mankement (Hout vasthouden !!). Met het resultaat van vandaag (155 ste) bevestigen we de goede uitslag van gisteren en lijken we definitief onze top 200 plaats te consolideren.

De sfeer onder de renners is opperbest. Heel wat Vlamingen en Nederlanders hebben ons al aangesproken afgaande op onze “Limburg-uitrusting”: “Limburg, Belgisch of Nederlands Limburg ?” In afdalingen wordt er enkel ingehaald wanneer er voldoende ruimte is. Als iemand een stuurfoutje maakt, wordt er niet gemord.

Zo, tot hier zijn we al geraakt. Morgen de laatste rit, 59 km naar Lourensford, 1600 hm (bijna een Roc d’Azur rit !). We hebben vandaag al even de zee mogen zien van ver, hopelijk morgen de finishlijn.

SUPPORTERS, DUIM MET ONS MEE !!